Facebook

Europese top: Europa zwicht opnieuw voor grote vervuilers

27 oktober 2014

door Joeri Thijs, 24 oktober 2014

(Dit artikel verscheen oorspronkelijk op de website van Greenpeace België)

 

Europa besliste vandaag [24 okt.] over de klimaat- en energiedoelstellingen voor 2030. Ze liggen bedroevend laag, waardoor de groei van hernieuwbare energie verder afgeremd wordt en de grote vervuilers ontsnappen aan het betalen van de vervuiling die ze zélf veroorzaken.

Het gevecht tegen de klimaatverandering heeft een „shock” behandeling nodig, maar wat Europa doet, is in het beste geval een vleugje vlugzout toedienen. Het merendeel van de Europeanen wil propere energie, maar de Europese leiders zetten doodleuk de rem op de ontwikkeling van de bloeiende hernieuwbare energiesector. Europa kan en zou meer moeten doen om de verwoestende gevolgen van de klimaatverandering af te remmen!

Wat staat er in de overeenkomst?planet

De Europese regeringsleiders mikken op:

– minstens 40% minder CO2-uitstoot
– minstens 27% hernieuwbare energie
– minstens 27 % energiebesparing
– 15 % meer interconnectie tussen de Europese energiemarkten

Deze bedroevende percentages voorkomen niet dat de aarde met meer dan twee graden opwarmt, we blijven afhankelijk van de import van (Russisch) gas en de rekening voor investeringen in schone energie wordt doorgeschoven naar de volgende generaties.

‘Climate change will destroy us’

Nee, dat is geen noodkreet van Greenpeace, maar van het Amerikaanse Pentagon die politieke leiders al jaren met dit soort berichten waarschuwt. Zo ook talloze klimaatwetenschappers, vakbonden, innovatieve bedrijven, het klimaatpanel van de VN (het IPCC) en ga zo maar door. Zij snappen het, wij snappen het. Waarom onze (Europese) leiders dan niet?

Omdat zij de economie (crisis!) belangrijker vinden en vooral luisteren naar de slimme lobbyisten van energieslurpers als Tata Steel en grote energiemaatschappijen als E.On en BP. En dergelijke bedrijven hebben lak aan het terugdringen van CO2 of het vergroenen van onze energievoorziening. En dat is ongelooflijk kortzichtig, aangezien de gevolgen van klimaatverandering bakken geld kost: de kosten van rampen veroorzaakt door het weer zijn enorm, oogsten mislukken vaker waardoor voedselprijzen stijgen en honger in de wereld toeneemt.

De gevolgen van de klimaatverandering treffen vooral ontwikkelingslanden, waar de inwoners zelf nauwelijks CO2 uitstoten… En dat is heel erg onrechtvaardig. Op de interactieve kaarten van Nasa is goed te zien waartoe Europa alle wereldburgers veroordeelt: een leven met de gevolgen van gevaarlijke klimaatverandering.

En België?

België schaarde zich helaas niet bij de meest progressieve landen in het debat, integendeel. Ons land heeft onder impuls van Vlaanderen lang aangedrongen op bijkomende achterpoortjes.

België ziet op tegen haar 2030-doelstelling voor uitstootreducties bij gebouwen, transport en landbouw, sectoren die buiten de emissiehandel vallen. Ons land bekwam samen met andere kleine, rijke landen een nieuwe uitzondering om die doelstelling te halen: ze mag beperkt gebruik maken van emissierechten uit de Europese emissiehandel. Dat zijn emissierechten die eigenlijk bedoeld zijn voor de industrie en de elektriciteitsproductie.

Het resultaat? De druk om te zorgen voor echte, kostenefficiënte uitstootreducties in gebouwen, transport of landbouw valt opniew weg. Investeringen in gebouwenrenovatie of groen transport zorgen nochtans voor een lagere energiekost, jobcreatie en een grotere markt voor energiebesparende producten en diensten.

[En Nederland ?
(Paragraaf toegevoegd door Ander Europa)

De Nederlandse regering speelt eveneens een remmende rol in de bepaling van klimaatdoelstellingen.   In haar voorbereidende nota voor de top schrijft ze: “Voor Nederland moet dit totaalpakket ambitieus maar realistisch en tegelijk ook betaalbaar zijn.” Het kabinet stelde dat “een doel van 30% energiebesparing niet correspondeert met het leidende doel van 40% broeikasgasreductie en zou leiden tot zeer hoge nationale kosten”. De regering wou aanvankelijk de energiebesparing herleid zien tot 25% en ging slechts schoorvoetend akkoord met het Commissievoorstel van 30%. In tegenstelling tot wie echt met de opwarming begaan is kan Rutte na de top opgelucht ademhalen met een niet bindend streefdoel van 27%.
Te noteren valt ook dat het kabinet “geen voorstander is van een centrale rol voor de Commissie bij internationale energieonderhandelingen”. Dat is dan wel even anders dan voor de deregulering van de wereldhandel, waar hetzelfde kabinet alle vertrouwen schenkt aan de centrale rol van de Commissie bij de vrijhandelsonderhandelingen TTIP, CETA en vele andere …]


En nu?

Om het leed nog enigszins te verzachten, zou Europa de komende 35 jaar 80 tot 95 procent minder CO2 moeten uitstoten dan in 1990. Om die ambitie te halen, moeten we in 2030 niet op 40 procent zitten, maar op 55 procent. Daar past een ambitie van 45 procent schone energie bij en 40 procent energiebesparing.

Er is een kans om dat alsnog te doen. Eind 2015 vindt in Parijs een nieuwe klimaattop plaats. Hoopgevend is alvast de steeds luider klinkende roep van mensen wereldwijd én een groep grote bedrijven voor sterke en rechtvaardige maatregelen tegen klimaatverandering en voor schone energie. Op naar Parijs.

Reacties plaatsen niet mogelijk