Facebook

Het Brussels orakel heeft weer gesproken

5 maart 2014

5 maart 2014 – Vandaag maakte de Europese Commissie (EC) haar jaarlijkse macro-economische doorlichting bekend van de lidstaten. Hieruit moet blijken of er in een land een ‘macro-economisch onevenwicht’ dreigt, of zelfs een ‘excessief macro-economisch onevenwicht’. Dit laatste is volgens de EC het geval in Kroatië, Italië en Slovenië, landen die bijgevolg onder speciaal toezicht komen. Griekenland, Cyprus, Portugal en Roemenië vallen buiten het bestek, want als ‘steuntrekkers’  vallen ze onder een apart regime waarbij het beleid grotendeels door de EU gedicteerd wordt. Daarnaast zijn er 14 landen (waaronder België, Nederland, Duitsland, Frankrijk … ) die ‘gewoon’ macro-economisch onevenwichtig zijn.

Over België wordt gezegd dat het competitiviteit verliest. En bijgevolg moet “een verdere ontkoppeling van snelle groei van de lonen en trage groei van de competitiviteit voorkomen worden”. Als we hieruit iets moeten opmaken, is het dat de lonen nog steeds te snel stijgen [!] in verhouding tot de productiviteit. Aangezien er een loonstop is, kan dit enkel een gecodeerde aanval op de koppeling van de nominale lonen aan de index betekenen. Nog duidelijker gesteld: de reële lonen zouden moeten dalen. De loonstop wordt onderhuids vermeld (“België heeft stappen ondernomen”) maar er is more ambitious action nodig. Hier opnieuw codetaal: “de loonvorming moet responsiever worden t.o.v. de economische en sectorale realiteit”, wat niet anders kan geïnterpreteerd worden dan een zoveelste aanval op collectieve arbeidsovereenkomsten en de rol van vakbonden daarin. In hetzelfde register is er de vermelding van “blijvende problemen op het gebied van het functioneren van de arbeidsmarkt”.

Voor Nederland is er, naast de aanmaning om het hypothecair lenen te ontmoedigen, de erkenning dat het grote handelsoverschot ook te maken heeft met de teruggelopen binnenlandse vraag ten gevolge van het soberheidsbeleid. Dit laatste zal niet zo meteen ophouden, want “Nederland zal zijn doelstelling i.v.m. het begrotingstekort in 2014 niet halen”.

Sommigen zullen in het oordeel over Duitsland een bewijs zien van de evenwichtigheid en onpartijdigheid van de Europese Commissie. Er wordt gewezen op de grote Duitse handelsoverschotten en de ondermaatse binnenlandse vraag en publieke en private investering. Er wordt zelfs vermeld dat dit een gevaar kan inhouden voor het functioneren van de eurozone. Maar behalve de vermelding dat dit “uitdagingen” vormen voor het Duits beleid, hangen er geen verdere consequenties aan vast. 

In de lange litanie van ‘onevenwichtigheden’ in de economie van de lidstaten zitten ongetwijfeld een hoop juiste vaststellingen. Maar er spreekt één groot onbegrip uit over een evenwichtig functioneren van de Europese economie. Evenwicht is een toestand van een systeem in zijn geheel, en dat kan niet vastgesteld of bijgesteld worden door elk onderdeel apart te bekijken. De Europese Commissie doet geen enkele analyse van de stromen (financiële stromen, investeringen, goederenstromen, … ) tussen de lidstaten en met de buitenwereld, ze maakt geen enkele globale inventaris van de aanwezige middelen (industriële, infrastructurele, financiële, menselijke … ). In die omstandigheden een ‘evenwicht’ nastreven is alsof men aan urbanisatie zou doen door alleen voorschriften op te leggen voor elk individueel bouwsel. In het Brussels is er een naam voor een dergelijke bouwheer: nen skieven architec. (hm)

Reacties plaatsen niet mogelijk