De gevaren van militarisering van de EU onder Frans leiderschap

Door Axel Ruppert (*)
11 maart 2022

 

Waarheen leidt het  ‘Strategisch Kompas’ ?

In de schaduw van Poetins revanchistische oorlog in Oekraïne en de veelvuldige gevolgen daarvan voor de veiligheidsarchitectuur van Europa, werken de lidstaten aan de eerste volwaardige militaire strategie van de Europese Unie. Het “Strategisch Kompas” van de Franse president Macron – wiens regering momenteel het roulerende voorzitterschap van de Raad van de EU bekleedt – zou de militarisering van de Europese Unie aanzienlijk bevorderen. Macrons droom van ‘Europese soevereiniteit’, die wordt ingegeven door binnenlandse politieke berekeningen en ambities van Napoleontisch formaat, zou wel eens werkelijkheid kunnen worden en geen vrede brengen, maar wel de verwoestende kosten van meer militarisering en meer oorlog.

Nu de Russische president Vladimir Poetin een wrede oorlog in Oekraïne is begonnen – waarvan de gevolgen al verwoestend zijn en de omvang van de schade onbekend – is opkomen voor vrede belangrijker dan ooit. Overal ter wereld zijn mensen solidair met het volk van Oekraïne en met de mensen in Rusland en Wit-Rusland die zich tegen de oorlog verzetten.

Het is nu van essentieel belang om de humanitaire hulpverlening te steunen, onderdak te bieden aan degenen die de oorlog ontvluchten – ongeacht hun herkomst – en de straat op te gaan om vrede te eisen. Tegelijkertijd is het aangewezen verder te kijken dan het dagelijkse nieuws om te zien wat de volgende stap is in de grootmachtenmanoeuvres die conflicten zoals het huidige zo onverbiddelijk maken.

Deze niet-uitgelokte en niet te rechtvaardigen oorlog – die in strijd is met het internationaal recht en reeds verdacht wordt van oorlogsmisdaden – doet fundamentele vragen rijzen over hoe vrede en veiligheid kan worden gewaarborgd voor de volkeren op het Europese continent en daarbuiten. De Europese Unie speelt een doorslaggevende rol bij het beantwoorden van deze vraag. In dit verband is het van belang eens goed te kijken naar de beleidsvoorstellen die momenteel op EU-niveau worden besproken. Een van die voorstellen is het ontwerp voor een zogenaamd ‘Strategisch Kompas’. Deze binnenkort te verschijnen militaire strategie van de EU is bedoeld om tot een gemeenschappelijke strategische visie te komen, en stelt maatregelen voor om de militaire vermogens van het blok te versterken.

De militarisering van de Unie is al jaren aan de gang, heeft na het Brexit-referendum in 2016 een hoge vlucht genomen, en zal met het Strategisch Kompas waarschijnlijk een nieuw hoogtepunt bereiken. Als het huidige ontwerp wordt goedgekeurd, zal de EU nog verder de gevaarlijke weg inslaan van het veiligstellen van economische, handels- en geostrategische belangen door het tonen en inzetten van militair geweld.

Nu de oorlog van Poetin woedt, zou men niet verwachten veel steun te vinden voor oproepen om de diplomatie en multilaterale ontwapeningsinspanningen te versterken in plaats van de militaire capaciteiten uit te breiden en wapenproducenten te subsidiëren om de EU voor te bereiden op toekomstige conflicten. Het blijft echter van cruciaal belang om vraagtekens te plaatsen bij kortzichtige oproepen ten gunste van de militaire opbouw van de EU. Het Strategisch Kompas zal niet investeren in civiele conflictpreventie, wapenbeheersing of de veelgeprezen ‘soft power’ van de EU, maar zal, als het al iets oplevert, de Europese veiligheids- en wapenindustrie ten goede komen. En dat is geen antwoord op de grote veiligheidsdreigingen waarmee de mensheid wordt geconfronteerd: vernietiging door kernoorlog en conflicten die worden versterkt door de systematische ineenstorting van de ecosystemen van deze planeet.

Kortom, het Strategisch Kompas brengt ons verder weg van de EU die we nodig hebben om de uitdagingen waarvoor we staan aan te pakken. Het is echter van vitaal belang voor de politieke ambities van de Franse president Emmanuel Macron.

 

Spoed achter het ‘Strategisch Kompas’ voor de Franse presidentsverkiezingen

 Van 1 januari tot 30 juni 2022 bekleedt Frankrijk het voorzitterschap van de Raad van de EU. Het voorzitterschap rouleert om de zes maanden tussen de lidstaten en biedt de lidstaten die het voorzitterschap bekleden aanzienlijke voordelen bij het bepalen van de EU-agenda en het sluiten van overeenkomsten die hun nationale belangen dienen.

De Franse regering is voornemens het Strategisch Kompas op 24 en 25 maart door de Europese Raad te laten bekrachtigen, wat gezien de reikwijdte en de complexiteit van de maatregel niet evident is. Binnen de vier prioriteiten “handelen, beveiligen, investeren en samenwerken” [to “act, secure, invest and partner”] behandelt het kompas geografische prioriteiten die variëren van de directe buurlanden van de EU tot de Indo-Pacific, wordt de relatie van de EU tot de VS en de NAVO behandeld en wordt opgeroepen tot een snellere en flexibelere besluitvorming over militaire missies in het kader van het gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid. Deze verscheidenheid aan onderwerpen laat zien dat de prioriteiten van de lidstaten op het gebied van veiligheid en defensie ver uit elkaar liggen. Aangezien de oorlog van Poetin in Oekraïne momenteel een versterkend effect heeft op het NAVO-bondgenootschap, zal het voor voorstanders van het Kompas moeilijker worden om tegemoet te komen aan de bezorgdheid over militaire structuren van de EU die concurreren met de NAVO.

Het is nog maar de vraag of de Franse regering in staat zal zijn de nodige compromissen te sluiten vóór de eerste ronde van de Franse presidentsverkiezingen, die gepland is voor 10 april. Aangezien een restrictieperiode (‘période de réserve’) formeel de neutraliteit van de Franse regering vereist in de aanloop naar de verkiezingen, zullen Macron en zijn regeringsambtenaren elke vooruitgang in het project tegen half maart moeten veiligstellen, iets wat Macron is wanhopig probeert om zo zijn verkiezingscampagne kracht bij te zetten.

 

Macrons droom van “Europese soevereiniteit” (onder Frans leiderschap, uiteraard)

 Als het Strategisch Kompas wordt aangenomen, kan Macron het mee naar huis nemen als een overwinning in zijn streven naar meer Europese soevereiniteit. Een soevereiniteit die hij tijdens zijn veelbesproken Sorbonne-toespraak in 2017 voorstelde als “ons vermogen om in de wereld van vandaag te bestaan, om onze waarden en belangen te verdedigen”[1]. Niet in de laatste plaats sindsdien is het streven naar meer Europese soevereiniteit zijn belangrijkste Europese politieke project. Daaraan gekoppeld is Macron’s claim op Europees politiek leiderschap, dat hij onderstreept op basis van zijn – felbegeerde – gesprekskanalen met Poetin.

Een goedgekeurd Kompas zou Macrons imago versterken als een succesvol internationaal leider die ook de Franse belangen veilig heeft gesteld. De Franse regeringen zetten zich immers al decennia in voor de militarisering van de EU. Zoals de Franse onderzoeker Claude Serfati heeft opgemerkt, is het versterken van de militaire macht van de EU een Frans belang:

“Er is vaak gezegd dat Europa een ‘machtsmultiplicator’ is voor het Franse veiligheidsbeleid” […]. De strategie van de machtsversterking is nog steeds alleen mogelijk omdat Frankrijk reeds een militaire topmacht is die de meeste lidstaten voor is. Het ondersteunen van de opkomst van de EU als militaire macht zou op zijn beurt de leidende positie van Frankrijk op dat gebied consolideren”[2].

Als militaire macht in de EU kan Frankrijk op zijn beurt aanspraak maken op politiek leiderschap, vooral binnen de “Frans-Duitse tandem”. Het Franse streven naar militarisering van de EU lijkt erop gericht zijn voordelen op militair gebied aan te wenden om zijn afnemend economisch concurrentievermogen ten opzichte van Duitsland te compenseren, en aldus een hoofdrolspeler in het integratieproces van de EU te blijven[3]. Het Duitsland dat, ondanks zijn economische en diplomatieke macht, terugdeinsde voor een gedurfd militair leiderschap is echter passé. De regeringsverklaring [4] van de Duitse kanselier Olaf Scholz van 27 februari, waarin hij massale investeringen in het leger aankondigde, vormt een historisch keerpunt in het Duitse defensiebeleid. De uiteindelijke draagwijdte ervan valt nog af te wachten, maar de Frans-Duitse betrekkingen zullen er zeker door worden beïnvloed.

Door de militaire agenda die in het Strategisch Kompas is vervat door te drukken, wil Macron ook de Franse wapenindustrie van voordelen verzekeren. Een industrie die van oudsher nauwe banden onderhoudt met de regering en waarvan de verkoop Frankrijk tot de op twee na grootste wapenexporteur ter wereld maakt. Franse wapenbedrijven staan al aan de winnende kant van de militarisering van de EU, omdat ze op weg zijn naar een groot aandeel in het Europees Defensiefonds van 8 miljard euro en al de grootste begunstigden zijn van de twee voorgangers van dat fonds.

De voortzetting van de militarisering en het opeisen van successen voor de wapenindustrie zal waarschijnlijk niet leiden tot verzet of publieke verontwaardiging in Frankrijk. Er is geen grote oppositie tegen dit discours in het politieke landschap, noch van vakbonden, noch van grote mediakanalen. Voor Macron is de bewering dat hij de EU en Frankrijk (na Brexit de enige kernmacht van de EU) naar een grotere militaire macht leidt geen risico, maar een kans.

Op het nationale toneel kan Macron zich met deze koers positioneren als een bij uitstek pro-Europese kandidaat met een concreet plan en een visie die bij een eventuele herverkiezing moet worden voortgezet. Een programma dat voldoende zal zijn om hem te doen opvallen in de massa van zijn tegenstanders, die zich ofwel niet op hun gemak voelen bij het Europese onderwerp, ofwel – zoals het geval is bij linkse kandidaten – aandringen op radicale transformaties voor een instelling die ontworpen is om die veranderingen te verhinderen.

 

De weg vrijmaken voor militaire interventies van de EU

In zijn Sorbonne-toespraak van 2017 gaf Macron niet alleen zijn visie op een soeverein Europa, maar kondigde hij ook het Europees Interventie-initiatief (EI2) aan. Met dit initiatief zette Frankrijk zich in voor gezamenlijke Europese militaire interventies [5] buiten de kaders van de EU en de NAVO.

Vijf jaar later wordt in het ontwerp van het Strategisch Kompas gestreefd naar de opbouw van een ‘snel reactievermogen’ [EU rapid response capability]  van de EU om tot 5.000 militairen in te zetten bij diverse soorten crises. In het document wordt vervolgens gepleit voor meer flexibiliteit bij de besluitvorming over de inzet. Voorgesteld wordt gebruik te maken van de mogelijkheden van artikel 44 van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) om een ‘coalitie van bereidwilligen’ tot stand te brengen door ‘constructieve onthouding’. Dit zou kort gezegd voorkomen dat kleinere lidstaten militaire operaties van de EU zouden tegenhouden, terwijl Frankrijk en Duitsland effectief vetorecht zouden hebben. Dit zou militaire interventies van de EU vergemakkelijken door de diepe kloof tussen de westelijke en zuidelijke en de centrale en oostelijke lidstaten te omzeilen als het gaat om geografische prioriteiten, terwijl Frankrijk en Duitsland het uiteindelijk voor het zeggen zouden houden.

Het komt degenen die aandringen op militaire interventies van de EU goed uit dat het Strategisch Kompas de gevolgen van de militaire missies in Afghanistan en Mali negeert. De enige conclusie van de Afghanistan-ramp die men in het ontwerpdocument kan vinden, is dat de EU een eigen militaire macht nodig heeft om haar burgers te evacueren. Dit kan worden vertaald als het voorkomen van afhankelijkheid van de VS in geval van nood, een conclusie van de recente Afghanistan missie die past in de Franse agenda. Ten eerste, door geen twijfel te laten bestaan over de doelen van Westerse militaire interventies, waaronder Mali, het ‘Franse Afghanistan’[6]; ten tweede, door mislukkingen te gebruiken als voorwendsel om onafhankelijk te worden van de VS; en ten derde, door te pleiten voor het bereiken van die onafhankelijkheid door het subsidiëren van de Europese (en Franse) wapenindustrie om het leger uit te rusten voor interventies onder eigen controle.

 

Toegang tot hulpbronnen en markten

 Voor wie zich alleen laat inspireren door de huidige ontwikkelingen lijkt het duidelijk waar de EU haar militaire macht voor moet gebruiken: afschrikking en het garanderen van het vermogen van de EU-lidstaten om zichzelf te verdedigen. Maar de militarisering van de EU is al jaren aan de gang, en we mogen de verklaarde doelstellingen op middellange en lange termijn niet uit het oog verliezen.

In de strategische evaluatie van het Kompas-ontwerp wordt een EU beschreven die wordt omgeven door instabiliteit en een conflictuele multipolaire wereld. Machtspolitiek is teruggekeerd op het wereldtoneel, en de toegang tot de ruimte, zeeroutes en kritieke hulpbronnen wordt steeds meer betwist. De nadruk wordt gelegd op China, een ‘economische concurrent en systemische rivaal’, die naar verwachting de ontwikkeling deze eeuw zal bepalen. Europees parlementslid Özlem Demirel van de Duitse DIE LINKE beschouwt dit in de eerste plaats als een “imperialistische confrontatie die nu wordt geschraagd door militaire middelen, afschrikking en bewapening”[7].

Het Kompas-ontwerp zet de EU ertoe aan de toegang tot hulpbronnen en markten met toenemende militaire macht te verdedigen en uit te breiden. Dit houdt grote risico’s in voor de EU. Het vergroot de kans op ongewenste escalatie, en leidt de broodnodige aandacht en middelen af van de aanpak van de dagelijkse materiële veiligheidsbehoeften van bevolkingsgroepen binnen en buiten de EU.

Veel lidstaten delen echter niet de Franse ambities die in het Kompas-ontwerp worden weerspiegeld. Zelfs indien uiteindelijk een – mogelijk minder ambitieus – Strategisch Kompas wordt aangenomen, zullen er nog vele breuklijnen en tegenstrijdigheden overblijven. Het meest ingrijpend is dat een meer gemilitariseerde EU haar rol als diplomatieke macht niet zal versterken om een nieuwe Europese veiligheidsarchitectuur op te bouwen, gebaseerd op gedeelde regels, diplomatie en samenwerking. De EU zal het moeilijk hebben om tegelijkertijd een militaire speler in de wereldwijde wapenwedloop én een betrouwbare onderhandelaar te zijn. De-escalatie, maatregelen ter voorkoming van civiele conflicten en multilaterale ontwapeningsinspanningen zijn, in tegenstelling tot steeds groeiende defensiebegrotingen, meer dan ooit nodig.

Gezien de economische en sociale kosten van de pandemie eisen sociale bewegingen en vakbonden terecht investeringen in de openbare infrastructuur en de gezondheids- en welzijnsstelsels. De regeringen van de lidstaten zullen moeten kiezen tussen sociale en militaire prioriteiten. Het zal afhangen van de druk die zij voelen om maatregelen voor te stellen waarmee op zinvolle wijze in de dagelijkse behoeften van de mensen kan worden voorzien in het licht van de economische, sociale en klimaatuitdagingen die voor ons liggen.

Het opbouwen en gebruiken van militaire macht zal, als het al gebeurt, alleen tijd winnen ten koste van menselijk lijden. Het is aan ons – degenen die geloven dat de wereld overbewapend is en vrede ondergefinancierd – om gebruik te maken van deze breuklijnen om vreedzame en sociale oplossingen te bevorderen.

+++

(*) Axel Ruppert is projectmanager bij het Brussels kantoor van de Rosa-Luxemburg-Stiftung, instituut voor politieke vorming aanleunend bij Die Linke. Ruppert heeft een master Europese Studies, en hij houdt zich specifiek bezig met vrede, veiligheid en ontwapening, de militarisering van de EU en de Europese wapenindustrie. Dit artikel verscheen op 4 maart op de site van RLS-Brussel. Nederlandse vertaling door Ander Europa.

Referenties

[1] Ouest-France: Sorbonne toespraak van Emmanuel Macron – Volledige tekst / Engelse versie. Beschikbaar op: https://international.blogs.ouest-france.fr/archive/2017/09/29/macron-sorbonne-verbatim-europe-18583.html

[2] Ingar Solty, Claude Serfati, Judith Dellheim: Sicherheitspolitik Contra Sicherheit, p. 55, https://www.rosalux.de/fileadmin/rls_uploads/pdfs/Manuskripte/Manuskripte_24_Sicherheitspolitik.pdf

[3] Ibid.

[4] Beleidsverklaring van Olaf Scholz, Bondskanselier van de Bondsrepubliek Duitsland en lid van de Duitse Bondsdag, 27 februari 2022 te Berlijn. Beschikbaar op: https://www.bundesregierung.de/breg-en/news/policy-statement-by-olaf-scholz-chancellor-of-the-federal-republic-of-germany-and-member-of-the-german-bundestag-27-february-2022-in-berlin-2008378  (laatst bekeken op: 04.03.2022).

[5] Deelnemende staten zijn: België, Denemarken, Estland, Finland, Frankrijk, Duitsland, Nederland, Noorwegen, Portugal, Spanje, Zweden en het Verenigd Koninkrijk.

[6] Christophe Ayad: Le Mali est notre Afghanistan. Le Monde, 16 november 2017.

[7] Neues Deutschland: Es geht um Ressourcen und Märkte. Beschikbaar op: https://www.nd-aktuell.de/artikel/1158532.militarisierung-der-eu-es-geht-um-ressourcen-und-maerkte.html.

 


 

 

Een reactie op “De gevaren van militarisering van de EU onder Frans leiderschap”

  1. Dank voor dit artikel; Maar het is wel een beetje voorbarig te denken dat er een soort EU krijgsmacht komt. Het is een jarenlange natte droom van Frankrijk om een Europese soevereiniteit op poten te zetten. 27 soevereine lidstaten moeten zich hiermee akkoord verklaren het oude Europa misschien maar het nieuwe Europa zal de USA kant kiezen en vooraleer de Duitse schroom t.o.v. USA wordt afgelegd zal er nog veel water door de Rijn vloeien

Laat een reactie achter

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.