- ander europa - https://www.andereuropa.org -

De kampioen van het Wirtschaftwunder : naziprofiteur Ludwig Erhard

door Gerrit Zeilemaker
27 september 2019

 

Zeventig jaar geleden werd de eerste Bondsregering beëindigd onder Konrad Adenauer. Als minister van economische zaken benoemde hij Ludwig Erhard. In heel Duitsland zijn straten en scholen naar Erhard vernoemd, en zelfs een museum draagt zijn naam. Een volledige biografie ontbreekt echter tot nu toe en daar is een goede reden voor.

Ofschoon zijn Wikipedia-pagina vermeldt dat Erhard weigerde om lid te worden van nationaalsocialistische organisaties zodat zelfs zijn carrière er onder leed, is van dit laatste niets aan. Dezelfde pagina vermeldt: “Hij staat bekend om zijn leidinggevende rol in het hervormen en het herstellen van de Duitse naoorlogse economie, van het Wirtschaftswunder, Duits voor ‘economisch wonder’, toen hij in de regering van Konrad Adenauer minister van Economische Zaken was, voordat hij zelf in 1963 kanselier werd.” Ook daar is veel op af te dingen.

De journaliste van de Berlijnse Tageszeitung, Ulrike Herrmann, deed zopas een boekje open: Deutschland ein Wirtschaftsmärchen (Duitsland een Economiesprookje).  In een voorpublicatie voerde ze Ludwig Erhard ten tonele 1. Erhard voerde zichzelf op als een politicus, een ‘professor’ die boven de partijen stond. en suggereerde dat hij in de nazitijd een soort verzetsstrijder was geweest. Maar Erhard was een profiteur van het nazi-regime en heeft goedbetaalde rapporten geschreven voor Gauleiters en voor Himmler.

Zo beweerde Erhard dat hij van een ‘academische carrière’ afstand moest doen,  omdat hij geen nazi was. De waarheid is minder vleiend: de inhoud van zijn proefschrift was zo slecht dat Erhard het werk liever niet inleverde.

Tijdens het naziregime leverde Erhard regelmatig rapporten over de waardering van ‘volksvijandige vermogens’ , dat wil zeggen: Joodse vermogens . En hij bestempelde in een rapport de uitroeiing van de Poolse elite als evacuatie van zogenaamde Poolse intelligentsia. Erhard was trots dat zijn voorlopige rapport door Hermann Göring werd geprezen: “Voor uw succesvolle werk, betuig ik mijn speciale waardering en dank aan u allen.” In mei 1943 bestelden Himmlers medewerkers nog een ‘aanvullend rapport’.

Het dossier van Erhard heeft echter de oorlog overleefd. Nergens is bewijs dat Erhard zich bij een nazi-organisatie heeft aangesloten. Hij bleef nochtans economisch beleidsadviseur van Gauleiter Bürckel in Lotharingen, waarvoor hij in januari 1943 van de Führer het Kriegsverdienstkreuz 2er Klasse kreeg.

In 1944 kreeg Erhard opdracht om te onderzoeken hoe de gigantische overheidsschulden verminderd konden worden. Om zijn rapport toe te lichten ontmoette Erhard de SS-generaal Ohlendorff, die voor 90.000 liquidaties in 1951 als oorlogsmisdadiger terechtgesteld is. Nog in 1949 probeerde hij de teruggave van een ‘arisierte’ porseleinfabriek aan een Joodse eigenaar te voorkomen, maar daar trapten de Amerikaanse autoriteiten niet in.

Hoewel Erhard aan de “arisierungen” veel verdiend heeft, wordt vandaag nog steeds de legende verspreid dat Erhard veel Joden heeft gesteund: “Waar hij kon helpen, hielp hij”, zegt de Ludwig Erhard Stiftung.


 

Voetnoten

  1. https://taz.de/Ueberfaelliger-Denkmalssturz/!5624636/