door Herman Michiel
16 juli 2025
De Europese NAVO lidstaten – op Spanje na – hebben er zich toe verbonden om in de komende jaren hun militaire budgetten naar 3,5% van het BBP op te trekken, en daar bovenop 1,5% te besteden aan infrastructuurwerken die militaire operaties ten goede komen. Deze formidabele opstoot van militarisme wordt door de NAVO, de EU-instellingen en de lidstaten verantwoord door het verhaal over een dreigend oorlogsgevaar; Rusland zou tegen 2030-2032 in staat zijn om een of meerdere lidstaten aan te vallen.
Oorlog als human resources probleem
Nu zijn militaire budgetten slechts één aspect van oorlogsvoering. Als men het ernstig meent met die dreigende oorlog moet niet alleen gezorgd worden voor tanks, raketten, jachtvliegtuigen, drones en munitie, maar ook voor de human resources die het oorlogstuig zullen moeten bedienen en daarbij het risico lopen er het leven bij in te schieten. De oorlog in Oekraïne levert beelden genoeg die daarvan getuigen. Welnu, consequent in het oorlogsdreigingsverhaal houdt de NAVO zich inderdaad bezig met het human-resources-probleem, en waarschijnlijk veel meer dan u zou vermoeden.
Sinds enkele jaren nemen regeringen de term ‘weerbaarheid van de bevolking’ in de mond, en spreken dan over het voorbereid zijn op natuurrampen, epidemies, kernrampen, stroomuitval, maar ook over cyberaanvallen en soms inderdaad over oorlog. Die plotse bekommernis in diverse hoofdsteden om calamiteiten kan verbazen, net zoals het ‘rugzakje’ met een zaklamp, aansteker, cash geld en wat conserven dat eurocommissaris Lahbib voorschrijft. Maar het spoor naar de bron van deze inspiratie wijst in één richting: de NAVO. Het Atlantisch bondgenootschap is al veel langer bezig met de civiele aspecten van oorlog. De gebruikte term is resilience, soms vertaald als ‘weerbaarheid’, ‘veerkracht’ of ook ‘paraatheid’. De NAVO ziet zeven aspecten in deze resilience:
- continuïteit van de overheid en kritieke overheidsdiensten;
- continuïteit in de energievoorziening;
- de beheersing van “ongecontroleerde mensenstromen” (bedoeld moet zijn binnenlandse of buitenlandse vluchtelingen)
- bestendige voedsel- en watervoorraden;
- de mogelijkheid om om te gaan met massaslachtoffers;
- robuuste civiele communicatiesystemen
- En dito voor de civiele transportsystemen.
De NATO-top in Madrid van 2022 scherpte dit nog aan door de oprichting van een ‘weerbaarheidscomité’, en het voornemen om vierjaarlijks de stand van zaken te controleren.
NAVO als brandverzekering?
NAVO-voorstanders zouden dit alles nog kunnen vergoeilijken met de idee dat de NAVO nu eenmaal een veiligheidsorganisatie is. Zoals een brandverzekering voorbereidt op het onwaarschijnlijke geval van een brand, bereidt een militair bondgenootschap zich voor op het onwaarschijnlijke geval van een oorlog. De feiten zeggen echter iets anders. De NAVO stuurt liever aan op het winnen van een oorlog, dan het voorkomen ervan. De prognose van de NAVO is dat een oorlog met Rusland in de komende jaren niet onwaarschijnlijk is. In die logica zou een ‘veiligheidsorganisatie’ alles in het werk moeten stellen om een dergelijke calamiteit te voorkomen. Daar zien we echter niets van. Integendeel, door de provocaties van de voorbije decennia voort te zetten, door aan te sturen op het NAVO-lidmaatschap van Oekraïne, door onvoorwaardelijke wapenleveringen aan Zelensky en door een militaire overwinning op Rusland als enige uitweg voor de oorlog voor te stellen, dringen NAVO en EU aan op escalatie van het conflict, zonder zich iets aan te trekken van de stroom van lijken en de verdere vernieling van het land.
Geheime afspraken
Sommige recente onthullingen bevestigen verder dat de NAVO niet onze ‘brandverzekering’ tegen oorlogen is. Als het bondgenootschap er is om burgers te beschermen en veiligheid te bieden, waarom zijn er dan geheime afspraken met regeringen die die burgers niet mogen ter ore komen? In Nederland en Duitsland kwam daar onlangs een en ander van aan het licht.
In Nederland erkende het kabinet Schoofs dat er geheime akkoorden zijn tussen regeringen en de NAVO die betrekking hebben op de ‘weerbaarheid’. Maar de Navo Resilience Objectives zijn weergegeven in een document dat niet openbaar is, aldus de ex-premier (zie het bericht in De Andere Krant van 7 juni 2025) die daarmee eerdere ontkenningen van zijn kabinet ontkende. De maatregelen worden uitgewerkt in de verschillende departementen, onder leiding van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid NCTV. Het parlement wordt hier buiten gehouden.
In Duitsland was het eveneens een redactie buiten de mainstream media, Multipolar, die de regering aan de tand voelde over geheime regeringsafspraken met de NAVO i.v.m. de ‘weerbaarheid van de bevolking’. Het ministerie van Binnenlandse Zaken ontkende niet het bestaan van dergelijke afspraken, maar vroeg begrip voor het feit dat er geen informatie verschaft wordt over een niet-publiek toegankelijk NAVO-document. Multipolar deed ook navraag bij de Duitse oppositiepartijen over hun houding ten opzichte van dergelijke akkoorden, en of ze zich zouden inspannen om de inhoud ervan aan het parlement en publieke opinie mee te delen. Noch AfD, noch Grünen of Die Linke reageerden op die vraag.
Peilen naar de vechtlust van de bevolking
We komen tot slot nog eens terug op de bewering dat de NAVO – en nationale overheden – zich veel meer dan men vermoedt bezighouden met het ‘human-resources-probleem’ bij oorlogsvoering. We leggen ons oor te luisteren bij het Clingendael instituut, het Nederlands Instituut voor Internationale Betrekkingen dat de overheid bijstaat met studies en aanbevelingen. Men vindt er bijvoorbeeld een studie Who are willing to fight for their country and why; rond deze vraag werd zelfs een onderzoeksproject van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek NWO opgezet. Deze deed beroep op rondvragen van de World Values Survey en de European Value Study die sinds 1981 in een honderdtal landen peilt naar onder andere de bereidheid om voor zijn land te vechten.
Of neem een Britse tegenhanger van Clingendael, het Britse Royal United Services Institute RUSI. Daar vind je onomwonden een publicatie Fostering a ‘Will to Fight’ Has to be NATO’s Next Priority (Het bevorderen van de ‘wil om te vechten’ moet de volgende prioriteit van de NAVO zijn). De auteur is verbijsterd dat er “aanzienlijk meer mensen onder de 40 zijn in het Verenigd Koninkrijk die zouden weigeren om opgeroepen te worden als ze dienstplichtig waren voor een grote oorlog dan mensen die bereid zouden zijn om te dienen.” Hij ziet wel een uitweg, want “de bereidheid om te vechten kan worden vergroot door gezamenlijke inspanningen die het bestaan van echte bedreigingen voor de Europese veiligheid duidelijk te maken”.

Knappe analyse Herman. ! De antropoloog Jan Blommaert zou dat niet beter hebben kunnen ontrafelen !
https://www.youtube.com/watch?v=5TpEkMLiFLY
In de meeste conflicten kwam het Westen uit als winnaar of berichtte in die zin. De voortdurend angst van de winnaar is zijn bevoorrechte positie te verliezen en dus moet hij zijn strategieën aanpassen. Wat je in je document beschrijft is daar een voorbeeld van. Ooit was het individualisme het hoogste goed nu lijkt het voor de NATO -leden een probleem te zijn als ik het verslag lees over de richtlijnen van weerbaarheid . De twee belangrijkste uitgaven in de wereld zijn defensie en de publiciteit (lees propaganda)
We kennen de wetten van de propaganda
1. Gun ze niet de tijd kritisch na te denken
2. Behandel alles simplistisch;
3.Breng alles onder één noemer en geef ze iets gemeenschappelijks.
4.Een leugen is sterker naarmate ze meer waarheden bevat .
Zijn NATO-richtlijnen niet een schoolvoorbeeld hiervan ?
Tijdens een interview met de Franse gelauwerde schrijver Michel Houllebecq vroeg de journalist hem of we na de Covid crisis in een andere wereld zullen terecht komen, zijn antwoord was : ” het zal dezelfde wereld zijn alleen maar erger “