- ander europa - https://www.andereuropa.org -

Nieuwe leiding van linkse fractie in Europees Parlement

18 juli 2019 – In een vorig bericht meldden we dat de linkse fractie in het Europees Parlement, de GUE/NGL (‘Europees Unitair Links/Noords Groen Links’) bij de eerste zitting van dat parlement op 2 juli nog geen definitieve fractieleiding had aangewezen. Er kwam een voorlopige leiding onder voorzitterschap van  Martin Schirdewan.

Manon Aubry (LFI) en Martin Schirdewan (Die Linke) zitten de linkse fractie GUE/NGL voor in het Europees Parlement.

Vandaag maakte GUE/NGL bekend dat de fractie tijdens de legislatuur 2019-2024 een tweekoppige leiding zal hebben:  Martin Schirdewan, verkozen voor het Duitse Die Linke, en Manon Aubry, lijsttrekster op de Europese lijst van La France Insoumise.  Er zijn ook 4 vice-voorzitters: João Ferreira (PCP, Portugal), Marisa Matias (Bloco de Esquerda, Portugal), Sira Rego (Izquierda Unida, Spanje) en  Nikolaj Villumsen (Enhedsliten, Denemarken).

Deze keuze – hoe ze precies tot stand kwam is onduidelijk – bevestigt wat we in ons vorig bericht suggereerden: de nieuwe leiding van de linkse fractie brengt nu tenminste verschillende gezindheden tot uitdrukking. Schirdewan wordt tot de Reformflügel van Die Linke gerekend, en zijn voordracht door de Linkeleiding laat ook vermoeden dat hij geen harde EU-criticus is. Manon Aubry daarentegen vertegenwoordigt een partij die de ‘Plan B-strategie’ genegen is (“de EU moet fundamenteel veranderen, en als dat niet gebeurt zal een regering onder onze leiding niet terugschrikken voor een breuk”); La France Insoumise wilde ook Syriza uit de Europese Linkspartij zetten wegens haar rechts beleid.

Ook door de keuze van de vice-voorzitters  komt nu een fundamentelere EU-kritiek aan bod dan onder de door Gabi Zimmer geleide GUE/NGL het geval was. Dat is een vooruitgang. De linkse fractie, teruggevallen van 52 op 41 zetels bij de verkiezingen van mei, zal zich echter moeten roeren als een duivel in een wijwatervat om boven het rechts geraas in dit parlement uit te komen.

Misschien kan Manon Aubry daar een vernieuwende bijdrage toe leveren. Uit haar curriculum blijkt dat ze al een interessant parcours achter de rug heeft, niet in de partijpolitiek, maar in diverse ngo’s en burgerinitiatieven: studentenvakbond, OXFAM,  met Médecins du monde in Liberia, twee jaar in Congo i.v.m. mensenrechten & mijnontginning… Als de Europese linkse fractie, hoe klein ook, nu eens de banden met allerlei basisbewegingen en activisten in Europa kon aanhalen zou haar belang verre dat van een gedoogde rariteit in een pseudo-parlement overstijgen. (hm)