Facebook

EU: coalities van oorlogsvrijwilligers

7 september 2021
Verschenen  op 6 september 2021 op German Foreign Policy (*)
Nederlandse vertaling door Ander Europa
Met dank voor de toelating tot publicatie

 

Berlijn en Brussel plannen een nieuwe EU-interventiemacht van 5.000 of meer soldaten. De Duitse minister van defensie, Kramp-Karrenbauer pleit voor “coalitions of the willing.”

Berlijn en Brussel willen de nederlaag van het Westen in Afghanistan gebruiken om aan te dringen op de oprichting van een nieuwe EU-interventiemacht. “Bijna niets” werd gedaan om het besluit van de VS om zich terug te trekken uit de Hindoekoesj tegen te gaan, vanwege het gebrek aan onze militaire capaciteiten”, klaagde de Duitse minister van Defensie Annegret Kramp-Karrenbauer (AKK). We kunnen alleen “winnen”, als de EU “op gelijke voet met de VS komt”. Even daarvoor had Josep Borrell, EU-commissaris voor buitenlands beleid, in een gastbijdrage er vooral voor gepleit dat de Unie – naast haar “centrale militaire vaardigheden” zorgt voor een “bijzonder krachtige interventiemacht” (first entry force). Momenteel wordt binnen de EU gesproken over een eenheid van 5.000 soldaten, naar het model van de “Spearhead”-eenheid van de NAVO, terwijl ook een uitbreiding tot 20.000 man wordt besproken. In november zou een besluit moeten genomen worden. Weerstand daartegen komt er vooral van de Oost- en Zuidoosteuropese lidstaten die VS-gezind zijn. [Noot van de vertaler: Ook Zweden, dat geen lid is van de NATO, is tegen.]

 

Het strategisch kompas van de EU

Reeds op 6 mei, tijdens hun eerste persoonlijke bijeenkomst na hun Covid-19 online-vergaderingen, bespraken de ministers van Defensie van de EU de snelst mogelijke oprichting van een inzetbare, zeer slagkrachtige, EU-interventiemacht. Het debat kwam op gang tijdens de bespreking van het “Strategisch Kompas”, een poging om de zeer uiteenlopende belangen van de EU-lidstaten op het gebied van buitenlands en militair beleid rond een gemeenschappelijke noemer te consolideren. Tot nu toe hebben de uiteenlopende belangen een uitbreiding van de militaire missies van de EU in de weg gestaan. Dat is één van de redenen waarom de gevechtsgroepen van de EU – snel inzetbare troepen van 1.500 soldaten, waarvan er twee 6 maanden per jaar oproepbaar zijn – nooit op missie zijn gestuurd. Het strategisch kompas is gebaseerd op een uniforme dreigingsanalyse, overeengekomen door de inlichtingendiensten van de afzonderlijke lidstaten en hun tegenhanger in de EU, het Inlichtingen- en Situatiecentrum van de Europese Unie (EU IntCen), zonder openbaar toezicht of enige vorm van democratisch debat. [1]. Het Strategisch Kompas zal op 16 november worden besproken en mogelijk worden goedgekeurd, zei EU-commissaris voor Buitenlands Beleid, Borrell.[2]

 

Een “First Entry Force”

Volgens diverse berichten.[3] hebben veertien EU-lidstaten – waaronder de “militaire zwaargewichten van de Unie”, Duitsland, Frankrijk, Italië en Spanje – het voorstel gedaan in een gezamenlijke discussienota voor de oprichting van een snelle inzetbare strijdmacht van ongeveer 5000 soldaten. De nieuwe snelle inzetbare strijdmacht zou aanvankelijk moeten bestaan uit “een legercomponent ter grootte van een brigade en een marinecomponent”. Op lange termijn zouden “luchtmacht- en ondersteuningseenheden kunnen worden toegevoegd.” Het is opgevat als een “eerste interventiemacht”, beschikbaar voor een “onmiddellijk missiescenario op korte termijn”. De omvang van de eenheid van 5.000 is volgens insiders georiënteerd op NAVO’s “Spearhead”, die was gevormd in de nasleep van de escalatie in het conflict met Rusland over Oekraïne in 2014. Een hooggeplaatste functionaris van de Europese Dienst voor extern optreden (EEAS) zou hebben gezegd dat het doel van 5000 soldaten “ambitieus” is, maar haalbaar als de huidige EU-gevechtsgroepen zouden worden opgenomen. Intussen wordt er zelfs gesproken over een snel inzetbare troepenmacht van tussen de “5.000 – 20.000” soldaten.[4]

 

Centrale militaire capaciteiten

Berlijn en Brussel maken momenteel gebruik van de nederlaag van het Westen in Afghanistan om opnieuw druk uit te oefenen. Momenteel zijn de EU-lidstaten in Oost- en Zuidoost-Europa gekant tegen de oprichting van een nieuwe interventiemacht. Hun betrachting, zoals met name van Polen en de Baltische staten – is gericht op een bijzonder sterke militaire samenwerking met de Verenigde Staten, en een zo exclusief mogelijke focus op de NAVO. Ook met dit in het achterhoofd prees de EU-commissaris voor Buitenlandse Zaken Josep Borrell in zijn gastbijdrage in de NY Times van 1 september de “first entry force” van de Unie waarover nu wordt gesproken. Om een meer capabele bondgenoot te worden, aldus Borrell, moet Europa meer investeren in zijn veiligheidscapaciteiten. Naast de uitbreiding van de cruciale militaire capaciteiten, zoals luchttransport en bijtanken, strategische verkenning en installaties in de ruimte, hebben we strijdkrachten nodig die capabeler, beter inzetbaar en meer interoperabel zijn, aldus de commissaris voor Buitenlandse Zaken. Hij voegde er nog aan toe dat er al inspanningen in die richting worden gedaan. Het gaat om het vermogen om “onder moeilijke omstandigheden een luchthaven te beveiligen”, zoals onlangs in Kabul.[5]

 

“Op gelijke hoogte met de VS”

Tijdens de bijeenkomst van de ministers van Defensie van de EU, een dag later, op 2 september, reageerde de Duitse minister van Defensie Annegret Kramp-Karrenbauer met een lange tweet. “De nuchtere waarheid over Afghanistan”, aldus Kramp-Karrenbauer, “is dat wij, Europeanen, bijna niets hebben gedaan tegen het besluit van de VS om ons terug te trekken, vanwege het gebrek aan eigen capaciteiten.” “De belangrijkste vraag voor de toekomst” van het buitenlands en militair beleid van de Unie is hoe “onze militaire capaciteiten” collectief kunnen worden ingezet. Met betrekking tot het huidige verzet van de oostelijke en zuidoostelijke lidstaten benadrukte de minister dat het er om gaat “het westelijke bondgenootschap in zijn geheel te versterken”. Als de Unie “op gelijke voet met de VS” kan worden versterkt, “dan zullen we winnen”. Concreet suggereerde zij de vorming van een coalition of the willing : samenwerkingen tussen afzonderlijke EU-staten, die zich ad hoc zullen verenigen voor concrete militaire interventies. Kramp-Karrenbauer wees er uitdrukkelijk op dat dit is toegestaan onder toepassing van artikel 44 van de Europese Verdragen.

 

Prioriteiten regionale oorlogsvoering

Om beter tegen het verzet in Oost- en Zuidoost-Europa te kunnen optreden, introduceert Kramp-Karrenbauer naast haar voorstel om bijvoorbeeld “gezamenlijk collectieve Special Forces op te leiden en belangrijke capaciteiten te organiseren, zoals luchtbruggen en satellietbewaking,” nu ook “regionale veiligheidsverantwoordelijkheden” in de discussie. Afhankelijk van hun belangen zouden de oostelijke en zuidoostelijke EU-landen zich vooral kunnen concentreren op militaire voorbereidingen voor een mogelijk gewapend conflict met Rusland, terwijl de zuidelijke EU-leden zich meer zouden kunnen richten op oorlogen in de Arabisch-Islamitische wereld. Zoals de zaken er nu voor staan, zou Duitsland als scharnier tussen de twee partijen kunnen fungeren. Ondanks het feit dat artikel 44 van de Europese Verdragen bepaalt dat individuele EU-leden “coalities van bereidwilligen” kunnen oprichten, is momenteel nog steeds een gezamenlijk EU-besluit vereist voor militaire missies. Daarom blijft de mogelijkheid bestaan om desgevallend krachtenopslorpende oorlogen van andere lidstaten te voorkomen – zelfs als die bijvoorbeeld in het belang van de VS zijn. Maar Matej Tonin, de minister van Defensie van Slovenië – het land dat momenteel het EU-voorzitterschap waarneemt – sluit een overgang naar de klassieke meerderheid voor EU-oorlogen in de toekomst niet uit.[6]

 

(*) German-Foreign-Policy.com wordt gerealiseerd door een groep onafhankelijke journalisten en sociale wetenschappers die “permanent de hernieuwde pogingen van Duitsland opvolgen om terug een hoge machtsstatus te verwerven op economisch, militair en politiek vlak.”

Voor de vertaling maakten we ook gebruik van de gratis versie van DeepL.

 

[1] Zie ook  Panzerverkäufe und Bedrohungsanalysen.

[2] Nikolaj Nielsen: euobserver.com 03.09.2021.

[3] Thomas Gutschker: Die Sprache der Macht lernen. Frankfurter Allgemeine Zeitung 07.05.2021.

[4] Christoph B. Schiltz: Nach dem Afghanistan-Debakel wirbt Deutschland für eine “Koalition der Willigen”. welt.de 02.09.2021.

[5] Josep Borrell Fontelles: Europe, Afghanistan Is Your Wake-Up Call. nytimes.com 01.09.2021.

[6] Nikolaj Nielsen: euobserver.com 03.09.2021.

 


 

Hits: 10

 

Laat een reactie achter

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *