Facebook

Europarlementair links en Brexit

5 maart 2018

door Herman Michiel

5 maart 2018

 

Gabi Zimmer, fractieleider van radicaal links in het Europees Parlement (GUE/NGL) en lid van Die Linke, reageerde in een communiqué op de Brexit-speech (2 maart) van de Britse premier Theresa May. Wat me daarbij tegen de borst stuit is dat er nauwelijks enig onderscheid is tussen het standpunt van radicaal links en dat van het Europees establishment.

Het gaat over statements als “May had geen samenhangend voorstel over hoe de politieke deal van december concreet te vertalen in een bindend akkoord, zoals geëist in de laatste resolutie van het Europees Parlement 1 en de richtsnoeren van de Raad van 15 december 2017 ” of  “Ze droomt van een speciale behandeling van het Verenigd Koninkrijk maar vergeet dat ze haar aanvankelijke beloftes moet waarmaken“. Dit druipt van formalisme, van EU-legalisme, maar laat op geen enkele manier verstaan dat radicaal links een andere visie dan Barnier, Tusk, Juncker, Verhofstadt en tutti quanti zou hebben op de eerste uitstap van een lidstaat uit de neoliberale EU. Radicaal links kan zich blijkbaar terugvinden 2 in de resolutie van het Europees Parlement, opgesteld onder leiding van Guy Verhofstadt.  Hierin leest men o.a. dat het Parlement een “strikte overeenstemming”  eist van de “integriteit van de interne markt en de vier vrijheden“, wat dus betekent de vrije circulatie van arbeidskrachten, goederen, diensten en kapitaal. Ook de “rechtsorde van de EU en de rol van het Hof van Justitie van de EU moeten worden gewaarborgd“.

Natuurlijk, Theresa May is een in-rechtse politica, en geen zinnig mens kan erop betrouwen dat zij en haar Conservatieven de intentie zouden hebben van Brexit een emancipatorisch project te maken. Maar Theresa May is momenteel ook, hoezeer men dit ook mag betreuren, de vertegenwoordigster van de Britse natie, het loket waaraan de EU zich moet richten om te onderhandelen over Brexit. May zal niet eeuwig aan dit loket zitten. Het is niet onmogelijk, en heel links in Europa en omstreken hoopt erop, dat ene Jeremy Corbyn er zit, nog voor 29 maart 2019, de uiterste datum voor een Brexit-akkoord UK-EU.

Zal parlementair radicaal links dan nog staan op  “de laatste resolutie van het Europees Parlement” en de “richtsnoeren van de Raad van 15 december 2017“, te weten de “integriteit van de interne markt en de vier vrijheden“? De GUE/NGL zal toch weten dat Corbyn  zich enkele dagen geleden uitsprak voor goede handelsverhoudingen tussen Groot-Brittannië en de Europese Unie, maar ook zou onderhandelen over ‘beschermende maatregelen, ophelderingen en uitzonderingen’, zodat de handelsbetrekkingen geen  obstakel zouden vormen voor Labour’s plannen i.v.m. openbare diensten, staatshulp, tegen privatisering, outsourcing en het Europees concurrentiebeleid? Een Labour-kabinet onder Corbyn zou zich m.a.w. niet neerleggen bij de “integriteit van de interne markt en de vier vrijheden“, en zou in feite “dromen van een speciale behandeling“… Een echo van Corbyn’s Brexit for the many, not for the few zou het minste geweest zijn dat men vanuit de radicale linkerzijde had mogen verwachten.

Het is niet de eerste maal 3 dat er vanuit de radicaal-linkse fractie in het Europees Parlement dubieuze standpunten komen over fundamentele Europese kwesties. Ook de steen in de kikkerpoel, nl. Mélenchons vraag om uitsluiting van Syriza uit de Partij van Europees Links, wijst op een toenemende problematisering van het onbedachte europeïsme binnen Europees links. Men kan veel begrip hebben voor de neteligheid van de problemen waarvoor links zich hierbij geplaatst ziet (zowat alle stemmen tegen de Brexit-resolutie van het Europees Parlement kwamen bijvoorbeeld van uiterst-rechts; commentatoren in de media zouden ongetwijfeld wijzen op het ‘extremisme aan beide uiteinden van het politieke spectrum’ als ook GUE/NGL de resolutie afwees), maar zich voegen naar de regime-partijen kan zeker niet de oplossing zijn.

Al bij al een lastige, maar noodzakelijke fase in een broodnodig politiseringsproces, ook binnen links.


 

  1. Zie de resolutie van 13 december 2017.
  2. Zoals blijkt uit Votewatch was er bij GUE/NGL geen enkele stem tegen de resolutie, maar een kwart van de afgevaardigden onthield zich.
  3. Zie Ander Europa, 18 mei 2017, Europees Parlement: sociaaldemocratische pad in linkse korf?

Laat een reactie achter